Nederland dreigt de doelen van de Kaderrichtlijn Water (KRW) in 2027 fors te missen: slechts 5% van de wateren zal naar verwachting een goede ecologische status behalen.
De Europese Commissie waarschuwt voor ingrijpende consequenties als de waterkwaliteit niet tijdig verbetert, zoals strengere vergunningverlening en juridische stappen. Ondanks beleidsinspanningen blijft bronaanpak te vrijblijvend, ontbreekt urgentiebesef, en is de verantwoordelijkheidsverdeling te diffuus.
Hoewel rijk, provincies en waterschappen maatregelen nemen om de waterkwaliteit te verbeteren, blijven Nederland en de KRW-doelen ver uit elkaar. Structurele vervuilingsbronnen zoals landbouw, industrie en rioolwaterlozingen worden onvoldoende aangepakt. Dit kan leiden tot ingrijpende consequenties, waaronder beperkingen op bouw- en agrarische activiteiten. De aanpak leunt te sterk op vrijwilligheid en mist duidelijke verantwoordelijkheid, waardoor strakkere regie en beleidskeuzes onvermijdelijk zijn. Een succesvolle aanpak vereist dwingender beleid, betere vergunningverlening en meer handhaving.