Rekenkamers onderzoeken of gemeentelijk beleid effectief, efficiënt en rechtmatig is, en baseren hun oordelen op zorgvuldig opgebouwde normenkaders.
Deze normenkaders zijn essentieel voor objectieve conclusies en beïnvloeden de kracht en impact van het onderzoek. Door gebruik te maken van wetgeving, beleidsdoelen en benchmarking ontstaat een integraal en stevig onderbouwd oordeel over het functioneren van het gemeentebestuur.
Een goed normenkader is cruciaal voor elk rekenkameronderzoek en bepaalt hoe bevindingen worden beoordeeld. Rekenkamers maken daarbij gebruik van drie hoofdtypen normenkaders: wet- en regelgeving (bij rechtmatigheid), beleids- en programmadoelen (bij doeltreffendheid en doelmatigheid), en benchmarking (voor vergelijking met andere gemeenten). Elk kader stelt eigen eisen aan helderheid, toepasbaarheid en onderbouwing, en bepaalt mede de impact van het oordeel. Transparante communicatie over het normenkader vooraf helpt verwachtingen managen en versterkt de legitimiteit van het onderzoek. Instrumenten zoals IV3-data en de ‘Casco-gemeente’-aanpak maken benchmarking en beleidsanalyse concreet en vergelijkbaar.