Helga Koper

h.koper@kokxdevoogd.nl
 06 - 35 11 58 14
 Linkedin

 
 
 

De eerste 100 dagen van Helga Koper

‘Schonfrist’

De eerste honderd dagen... automatisch associeer ik dat met een kabinet, immers als een kabinet honderd dagen zit maakt de Nederlandse pers traditiegetrouw de eerste balans op, kijkt welke bewindspersonen zich al flink manifesteren en worden er door ongeduldige Tweede Kamerleden (meestal van de oppositie) Kamervragen gesteld over hoe het staat met al die beloftes die in het vigerende regeerakkoord zijn opgetekend.

Voor zover ik heb begrepen staat men in Europa naast Nederland alleen in Duitsland stil bij de eerste honderd dagen van een kabinet. Onze oosterburen hebben daar een prachtige term voor
‘ Schonfrist ’(vrij vertaald als respijt) en zien dit vooral als de periode waarin critici en pers het kabinet nog ontzien. Die insteek bevalt mij wel in de context van mijn eerste honderd dagen bij hét adviesbureau voor de publieke sector:  een wat langer uitgevallen snuffelstage, waarbij je met verschillende aspecten van het adviseurschap wat nader kennismaakt en nog een beetje ontzien wordt….

De werkelijkheid doet mij denken aan die grappige reclameclip van ruim 15 jaar geleden van een uitzendbureau waar een jonge uitzendkracht door de baas en zijn collega’s bij zijn afscheid flink in het zonnetje en de bloemen wordt gezet en als afscheidsspeech de gedenkwaardige woorden spreekt: “Uh wat moet ik zeggen, het waren twee fantastische dagen”. Zo verliep het ook met de snuffelstage, die duurde maar kort maar wel meteen een warm ontvangst, kennismaking met leuke collega’s en je meteen onderdeel voelen van het team, wat best een uitdaging is in deze corona tijd met vooral digitaal contact.

Snel aan de slag met leuke projecten dus, maar ik zou het ook niet anders willen. Ik ben van het type meteen maar zwemmen zonder zwembandjes en in de praktijk het vak en de specifieke expertise en ervaringen van het bureau leren kennen.  Tot nu toe blijf ik aardig drijven en dat heeft vooral te maken met de collega’s waar ik mee samen mag werken, die ieder voor zich eigen expertise, kennis en ervaring meebrengen en waar ik elke dag weer nieuwe dingen van leer. Die naast expertise vanuit betrokkenheid en onafhankelijkheid maar altijd verbindend publieke organisaties beter proberen te laten functioneren en die door waarde toe te voegen bij het oplossen van maatschappelijke opgaven en uitvoeringsvraagstukken werken aan de staat van morgen.
 
Waar ik de ‘Schonfrist’ in mijn eerste dagen bij KokxDeVoogd nog wel voel is dat ik met verwondering rondkijk in een voor mij (relatief) nieuwe organisatie. Ik probeer het gedachtegoed en de ontwikkelde kennis, aanpakken en modellen mij eigen te maken, ben op zoek naar de verhoudingen en de relaties binnen de organisatie maar ook de interessante samenwerkingen met verschillende partijen.
 
De oplettende lezer heeft gezien dat het logo van KokxDeVoogd de robijnkeelkolibrie is. Naast dat het een prachtige vogel is, zijn de eigenschappen van deze gevederde vriend inspiratie voor de manier waarop KokxDeVoogd al ruim 8 jaar werkt: stationaire helicopterview, snelheid en gericht inzoomen waar nodig en niet zelden onder hoge druk tot resultaten komen.  Het doet mij denken aan een gedicht van Willemien Spook, die in de afgelopen vier jaar de stadsdichter van mijn mooie stad Haarlem was. De beschrijving komt wel overeen met mijn gevoel na deze eerste honderd dagen:

De honderd-dagen-vogel
Het zwenkt en zwaluwt, scheert en schittert
zwaait en zwerkt en duikt en twittert
een juichend srie-srie! doorklieft de luchten
vol gewirrelgewarrel van buitelvluchten
omhoog en omlaag op en neer en tekeer:
srie-srie! srie-srie! Ik ben er weer!